week 1
week 2
week 3
week 4 remediëring
week 5
week 9
week 13
week 6
week 10
week 14
week 7
week 11
week 15
week 8 remediëring
week 12 remediëring
week 16 remediëring
week 17
week 21
week 25
week 29
week 33
week 18
week 22
week 26
week 30
week 34
week 19
week 23
week 27
week 31
week 35
week 20 remediëring
week 24 remediëring
week 28 remediëring
week 32 remediëring
week 36 remediëring
spellingregel:
Ik luister goed naar het woord.
Dan schrijf ik het zoals het hoort.
spellingregel:
Ik luister goed naar het woord.
Dan schrijf ik het zoals het hoort.
spellingregel:
Ik luister goed naar het woord.
Dan schrijf ik het zoals het hoort.
spellingplaat / spellingregel:
De n en de k zitten samen op een bank. Er mag niemand tussen anders kunnen ze niet kussen
spellingplaat / spellingregel:
Ken je de woorden uit het au-verhaal?